Wie had dat gedacht?

In mijn laatste blog (hooggeëerd publiek) zei ik het al: De eerste versie van “Alles onder controle” is klaar. Mijn verhaal staat op papier. “Mijn,” want niemand heeft het ooit gelezen. Twee weken geleden begon ik opnieuw met het herschrijven van de eerste hoofdstukken. Wat een klus! Zinnen liepen niet lekker, het was afstandelijk geschreven en in de loop van de tijd zijn verhaallijnen en zelfs namen veranderd.

Vorige week waren de eerste zes hoofdstukken klaar. Na wat knippen en plakken, maakte ik er een nieuw documentje van en las alles voor de zoveelste keer helemaal door. Aarzelend zocht ik het mailadres van mijn proeflezers. Was het goed genoeg om te versturen? Met klamme handjes drukte ik op “verzenden.” Pof, met één klik waren ze op weg naar de mensen die deze testversie wilden doorlezen en beoordelen. Wat zouden ze ervan vinden?

Het is gek. Alsof je heel lang alleen voor een kind hebt gezorgd, het hielp om zich te ontwikkelen en nu ineens los moet laten. Morgen krijgen mijn proeflezers alweer het volgende deel, want ik heb een deadline. Volgend jaar moet het klaar zijn. Tot die tijd zal ik blijven schrijven en herschrijven totdat het perfect is.

Wat vond je van mijn blog? Scrol wat verder naar beneden en laat het me weten.

reageer

Geplaatst in Mijn eerste boek

Hooggeëerd publiek

Het is 21 oktober 2017. Ik ben ziek. Niet echt, maar toch kan ik niet werken. Mijn concentratie is waardeloos, ik word behandeld voor mijn depressie en angststoornis en mijn humeur is het beste te vergelijken met de doorn van een rozenstruik. Van een afstand lijkt er niks aan de hand, maar kom vooral niet te dichtbij.

Ik vul mijn dagen met slapen en af en toe een korte wandeling. Ik wil zo graag lezen, maar het lukt me opeens niet meer om betekenis te geven aan de woorden. Waarom dan uitgerekend nu het plan bij me op komt om een boek te schrijven, is me een raadsel. Toch heb ik twee dagen later een onderwerp. Het zaadje is gepland. Ik volg een gratis online cursus, zoek artikelen en sla alle informatie zorgvuldig op in mijn computer. Ooit, als mijn hoofd het toelaat, wil ik mijn eerste boek schrijven.

Inmiddels is het 19 april 2018. De vroege voorjaarszon brandt op mijn huid. Zou dit een warme zomer betekenen? Ik sluit mijn ogen en luister naar de geluiden om me heen. De man van de gemeente rijdt met zijn grasmaaier door de wijk. Ik hoor de stemmetjes van kinderen. Vogels fluiten en zoeken alvast wat takjes. En ik? Ik hang in een tuinstoel. Het onkruid groeit op onmogelijke plekken. De dode perkplanten van vorige zomer zitten nog steeds in hun bakken en daar komt voorlopig geen verandering in. Ik probeer me te verdiepen in een luisterboek. Een kalme vrouwenstem leest voor uit het boek “Een leven na jou” van Jojo Moyes. Het is de opvolger van het boek “Voor jou,” maar daar heb ik alleen de verfilming van gezien (Me before you).

Voor de zoveelste keer vraag ik me af of ik een verhaal wil schrijven. Als klein meisje vond ik het geweldig om te fantaseren over poppen en beren die tot leven kwamen, de ontmoeting tussen een klein jongetje en een marsmannetje en onmogelijke puberliefdes. Maar mijn debuutroman gaat over mij. Nee, geen autobiografie. Al lijkt het leven van de hoofdpersoon verdacht veel op die van mij.

Ik zet mijn luisterboek uit en ga aan de slag. Alle ideeën moeten uitgewerkt worden. De samenvatting, het doel, de schrijfvorm, alles komt op papier. En als een paar dagen later mijn eerste blog online staat, kan het grote avontuur echt beginnen.
Mijn verhaal groeit. Ik ontpop me langzaamaan van hobby schrijfster naar (beginnend) auteur. Ik leer mensen kennen waar ik veel van leer en sluit me aan bij de “Commitmentgroep.” Een groep auteurs en een schrijfcoach die elkaar helpen en motiveren om te blijven schrijven. Het is namelijk ontzettend lastig om door te zetten. Gebrek aan tijd of motivatie. Teveel twijfels. Talloze reden kunnen ervoor zorgen dat een boek er nooit komt.

Weet je wat mijn belangrijkste oorzaak was om regelmatig de handdoek in de ring te gooien? Mijn boek promoten en de boekpresentatie. Veilig achter de laptop mijn verhaal schrijven is prima, maar wat gebeurt er als de laatste punt is gezet? Een boek verkoopt zich niet vanzelf. Maar met mijn sociale angsten sta ik niet graag op een podium. Hoe moet dat dan als ik mijn eindproduct in handen heb? Afwachten?

Een boek produceren betekent hard werken. Schrijven, herschrijven en doorwerken, net zo lang tot je eindelijk tevreden bent. Dat verdient een feestje, toch? Maar hoe dan?
Mijn boek gaat over “onzichtbaar zijn.” Vooral niet opvallen voor de mensen om je heen. Volgend jaar is het zover. Dan sta ik voor al die mensen, met in mijn handen het eindresultaat van “Alles onder controle.”

Wat moet ik aan? Een jurk staat feestelijk, maar roept tegelijkertijd veel weerstand op. Gelukkig is mijn boek nog niet af. De eerste versie klaar. Dat betekent dat het tijd is om alles opnieuw door te nemen. Proeflezers mogen hun mening geven en natuurlijk wordt de tekst beoordeelt door een schrijfcoach. Ik mag dus nog even op de achtergrond blijven. Mijn verhaal mag zich nog eventjes ontwikkelen en dat proces gebruik ik om ook zelf wat meer in de schijnwerpers te leren staan. Misschien, als het dan zover is, koop ik toch die feestelijke jurk. Al moet ik daar voorlopig nog niet aan denken.

reageer

Wat vond je van mijn blog? Scrol wat verder naar beneden en laat het me weten.

Geplaatst in Mijn eerste boek

HELP! een spin.

Ach, zo’n spinnetje doet toch niks. Ze zijn voor jou toch veel banger. Als je dan ook nog eens gaat gillen of op de vlucht slaat, is de kans groot dat je wordt uitgelachen. Stel je niet zo aan.

Toch is zo’n 75% van de Nederlanders bang voor spinnen en dat is veel. Zeker als je bedenkt dat er hele mooie exemplaren tussen zitten die een groot deel van de insecten opruimen. En het web dat ze bouwen is toch ook een waar kunstwerk. Zo gedetailleerd. Ik doe het ze niet na.

Achter, bij ons raam, woont elk jaar zo’n vliegenvanger. Bovenaan, op het kozijn, kun je hem zien zitten. Hij wacht geduldig. Verbergt zich, net als een agent met een lasergun. Totdat een onwetend slachtoffertje een plek zoekt om te rusten en verstrikt raakt in de onzichtbare draden. Het web begint te trillen en de spin komt in actie. In nog geen halve seconde zie je hoe het zwarte diertje op zijn prooi af rent en er met al zijn pootjes omheen gaat staan. Ontsnappen is onmogelijk. Vliegensvlug wordt het insectje in fijn draad gesponnen en kruipt de spin weer terug naar zijn schuilplaats op het kozijn.

Goed, een spin is een vleeseter, maar zullen ze ook mensen vangen? Iedereen weet dat de angst voor spinnen irrealistisch is. Voor de soorten in Nederland hoeven we in ieder geval niks te vrezen. Maar zorgt dat ervoor dat een spinnenfobie minder wordt?

Bang zijn voor spinnen is niet zo erg. Je vermijdt de plekken waar ze zijn of zorgt ervoor dat een stoere man of vrouw het beestje even voor je weghaalt. Maar wat nou als je er eentje op de muur van het toilet hebt gevonden en het zweet je uitbreekt? Je durft de rest van de dag niet meer in dat kleine kamertje te komen. Sterker nog, de kans bestaat dat hij zijn broertje of zusje heeft meegenomen. Spinnen komen tenslotte altijd met z’n tweeën, toch? De paniek slaat toe, want in elke hoek kan er zomaar één tevoorschijn komen. Je durft zelfs niet meer rustig op de bank te gaan zitten. Stel je voor dat zo’n griezel onder een kussen vandaan kruipt en met zijn vieze, harige poten over je rug loopt? Je hart gaat als een razende tekeer, alleen al bij de gedachte. Je kunt zelfs prikkelbaar worden, hoofdpijn krijgen en je niet meer concentreren. Dat onschuldige beestje belemmert je in alles wat je doet. Een spinnenfobie is dan ineens een angststoornis.

Zelf heb ik ook verschillende dingen waar ik bang voor ben. Ik kan volledig in paniek raken als er een kans bestaat dat ik vast kom te zitten. In een karretje van een achtbaan bijvoorbeeld, of in een smalle ruimte met maar één uitgang. Reizen met een bus of trein zul je mij ook niet zien doen. Het zijn angsten die mijn leven niet beheersen. Ik zoek manieren om er niet mee geconfronteerd te worden en dat werkt prima. Maar werkt dat ook voor sociale angsten?

Bedenk eens wat jij hebt gedaan vandaag? Hoeveel mensen kwam je tegen? En stel je nu eens voor dat je juist vandaag je best moest doen om hen allemaal uit de weg te gaan. Omdat je hoofd net zo vreemd reageert als bij een spinnenfobie?

reageer

 

Wat vond je van mijn blog?

Scroll wat verder naar beneden en laat het me weten.

Geplaatst in Mijn eerste boek

Zoveel foto’s

Volg je me op Facebook of Instagram? Dan heb je vast de vele foto’s gezien die ik tijdens al mijn wandelingen heb gemaakt. Wil jij weten waarom ik dit doe? Dat zal ik je vertellen …

Als klein meisje was ik een binnenkind. De vloer in de huiskamer lag vol met poppen, knuffelberen en lego. Uren kon ik me zoet houden met mijn zelfverzonnen verhalen en vergat hierbij de hele wereld. Mijn moeder werd er af en toe gek van, want elk speelgoed had een eigen stemmetje. Buiten spelen deed ik niet graag. Daar is het vaak koud en nat en dus ging ik, ook toen ik ouder was, niet graag de deur uit.

Drie jaar geleden moest ik wat vaker gaan wandelen. Doktersadvies. Bah, wat viel dat tegen. 2018-10-24 09.33.08Maar met oordopjes en de juiste muziek, stapte ik toch een paar keer per week door de wijk. Als de zon scheen, was het wel fijn. Bij slecht weer deed ik het vooral voor de warme chocolademelk met slagroom na afloop. De routes langs straten en huizen werden al snel vervangen door bospaden. Geen mensen en gebouwen, maar natuurgeluiden en groentinten. Een plek om tot rust te komen. Maar gebeurde dit ook echt?

In april 2018 besloot ik een boek te schrijven. Iets wat ik als kind al wilde, maar het was er nooit van gekomen. Ik verdiepte me in de kunst van het schrijven en oefende met schrijfopdrachten om mijn woorden beter op papier te krijgen. Eén van de opdrachten was:

“Stel, je bent in het bos. Laat je zintuigen werken. Wat voel je? Wat zie je? Wat ruik je? Wat hoor je? Je kunt ook proberen of je wat kunt proeven. Een grasspriet of een kastanje bijvoorbeeld.”

Vol goede moed opende ik een leeg Word document. Mijn vingers lagen op het toetsenbord.  Ik sloot mijn ogen, klaar om aan de slag te gaan. Maar ondanks dat ik een paar keer per week door het bos liep, kon ik geen antwoord geven op de vragen. Een half uur later gooide ik de klep van mijn laptop dicht. Ik griste mijn schoenen uit de kast en vertrok, het bos in. Mijn telefoon ging mee als hulpmiddel om te kunnen schrijven en om foto’s en filmpjes te maken. 20190823_114611Het was een zomerse dag. De bomen waren bedekt met bladeren. Zoveel zelfs dat de vogels zich er makkelijk in konden verstoppen. Verstoppen? Blijkbaar zorgde dit woord voor een stroom aan gedachten. Mijn hartslag steeg. Ik schudde mijn hoofd. Nu niet piekeren hoor. Ik moest me concentreren op de opdracht. Mijn hand rustte op mijn buik. Zachtjes, bij elke inademing, kwam hij iets omhoog en zakte in als ik weer wat lucht liet ontsnappen. Ja, dit was beter. Met een lach op mijn gezicht volgde ik het pad. De zon brandde op mijn blote armen. De wind streek over mijn wangen. Wat voelde ik nog meer? Takjes onder mijn voeten, zachte ondergrond, een vlieg dat op mijn neus ging zitten, maar meteen wegvloog toen ik in een reflex mijn hand optilde om het weg te jagen. Alles noteerde ik in mijn telefoon.

Het was tijd voor de volgende vraag: Wat zie je? Ik zag alleen de grote dingen. Bomen, aarde, lucht en water. Maar toen ik beter keek, zag ik ook bijtjes, fleurige bloemen, zelfs een kikker. De details verbaasden me. Dit was me niet eerder opgevallen. Met mijn telefoon maakte ik foto’s. Thuis kon ik die gebruiken om de oefening uit te werken. En zo kwamen al mijn zintuigen aan de beurt.

Regelmatig maak ik nu dit soort wandelingen. Niet nadenken. Bewust de aandacht vestigen op datgene wat ik doe. De foto’s helpen me om mijn boek te verfijnen, maar ook om stil te staan bij mijn omgeving. Er is zoveel moois. Je moet alleen goed kijken.20191009_160337

Geplaatst in Mijn eerste boek

Vakantie

Weet je waar ik tot twee jaar geleden nog nooit bij stil heb gestaan? Als je langdurig in de ziektewet zit, mis je de dingen zoals vakanties. Je bent elke dag vrij, omdat herstellen en rust op dat moment prioriteit hebben. Elke dag is hetzelfde. Het ritme van je week wordt bepaald door de mensen die wél werken of studeren. Of door de afspraken die je hebt met specialisten die je helpen om weer beter te worden.

Vorig jaar werd me duidelijk hoe waardevol zo’n vakantie eigenlijk is. Het betekent dat je deel uitmaakt van de maatschappij. Je hoort ergens bij en mag jezelf nuttig maken. En dit wordt beloond met een paar weken vrij. Zodra je niet meer kunt werken, valt dit allemaal weg.

De aankomende vakanties en feestdagen ontgingen me vaak volledig, totdat het zover was. En dan was alles om me heen ineens anders. Caravans werden schoongemaakt en achter auto’s gekoppeld, scholen waren verlaten en ook thuis verliepen de dagen niet meer zoals ik gewend was. Mijn vriend bleef thuis. We sliepen uit, gingen uitstapjes maken en klusjes die al veel te lang waren blijven liggen, werden nu afgemaakt. Na al die maanden dat ik overdag alleen was, brachten we onze tijd ineens weer samen door. En toch miste ik dat typische vakantiegevoel. Samen aftellen tot het eindelijk zover was. Het plannen van activiteiten. En balen dat het veel te snel voorbij was.

Nu, na bijna twee jaar thuis te zijn geweest, ben ik weer aan het re-integreren. Met vallen en opstaan. Hopen dat ik snel weer volledig mee kan draaien en daarna ontdekken dat het toch niet zo snel gaat als ik zou willen.

Ach, achter de schermen gebeurt er van alles, maar dat is nu even niet belangrijk. Want eindelijk kan ik weer zeggen: ‘Ik heb vakantie!’ Niks moeten. Onbezorgd genieten van een paar vrije weken. Het weer zit mee en de eerste dagen waren heerlijk.

Volg jij mijn Facebook pagina “Elly schrijft” al? Hier vind je ook een kleine selectie vakantiefoto’s.

Ben je benieuwd naar de vorderingen van mijn boek “Alles onder controle”? Klik dan hier

Geplaatst in Mijn eerste boek

Historie

Weet je nog dat ik je vertelde over mijn ideale schrijfplek?

Er staat een bordje bij deze plek van Natuurmonumenten. De informatie verbaasde me, maar zette me ook aan het denken:


“Het galgenwiel
Op 4 maart 1658 brak het water door de Hoevenaarsdijk en de Meerdijk (waar nu café Het Galgenwiel staat). Op deze plekken werd de ondergrond door het sterk stromende water weggespoeld met als resultaat een diep gat: een wiel.
  • Het Galgenwiel dankt zijn naam aan de Heer van Waalwijk, die hier galgen plaatste.
  • De heer liet misdadigers op deze manier zien, dat hij de doodstraf niet schuwde.
  • Voor zover bekend zijn drie vrouwen op 15 mei 1727 op het marktplein in Waalwijk terechtgesteld en hier opgehangen ter extra waarschuwing. Om vervolgens door ‘de vogelen en de wind te worden verteerd.’
  • Het Galgenwiel bevat voedselarm water. Hierdoor groeien er specifieke planten, zoals moerashertshooi, koningsvaren en waterlelie. Rond het wiel vind je eiken en gagel.
  • Op het ven kun je meerkoeten, waterhoentjes en wilde eenden zien, ook leven er uilen in de omgeving.”

Kun jij je voorstellen dat hier vroeger mensen werden opgehangen? Dat dit gebeurde in een land zoals Nederland? Dat er mensen waren die misbruik maakten van hun positie? Die dachten dat zij belangrijker waren dan de rest?

Gelukkig heeft de natuur er iets moois van gemaakt. Is er van de galgen niks meer te zien. Kunnen dieren hier vrij leven en mag ik genieten van deze prachtige natuur.

Of de informatie helemaal klopt, is niet gecontroleerd.

Geplaatst in Mijn eerste boek

Mijn ideale schrijfplek

Eindelijk. Na een wandeling van een half uur kom ik aan op mijn bestemming. De zon brandt op mijn rug. De wind waait zachtjes door mijn haar. Het ideale weer om buiten te schrijven.
Tussen twee hekken in loop ik door het mulle zand dat al snel overgaat in een bospad.
“Eikenprocessierups actief” waarschuwt een bord. Ik laat me er niet door afleiden. Rond deze tijd zijn de meeste rupsen uitgegroeid tot vlinder, dus van de haartjes zal ik vast niet veel last meer hebben.
Het kraken van afgebroken takjes en het knisperen van dorre blaadjes onder mijn schoenen geven een rustgevend gevoel. Het helpt me om alles te vergeten. Even geen zorgen. Geen zeurende voeten. Geen mensen.

Soms vergeet ik de wereld om me heen. Dan loop ik zonder te kijken. Laat ik me in beslag nemen door al mijn gedachten. Maar hier kom ik tot rust. Dwing ik mijn zintuigen om te werken, zodat mijn hoofd geen ruimte krijgt om te piekeren.

Rust. De afgelopen twee jaar heb ik geleerd wat het is en wat ik moet doen om uit de cirkel te stappen die me onrustig maakt. Me lam kan leggen. Ervoor zorgt dat ik de verbinding met de wereld weer eens verlies.
Hier, op deze plek, komt alles weer tot leven. Hoor ik talrijke vogels die vliegen van de ene naar de anderen bestemming of verscholen zitten tussen de enorme bladeren massa.
Ik zie verschillende tinten groen, afgewisseld met kleurrijke bloemen en oranje bessen. In de verte, waarschijnlijk vanuit de woonwijk, komt geluid van boren en zagen. Zonde, want ze horen niet thuis in de bossen.
Ik volg het bospad. De vijver rechts van me is droog. De schade van vorig jaar zomer. Al weet de natuur er wel raad mee. In de modderpoel groeien nu prachtige bloemen en struikjes. Zelfverzekerd, alsof ze er al jaren staan. Wonderlijk hoe de natuur haar eigen oplossingen bedenkt.
Een stukje verderop kan ik rechtdoor, het bospad volgen, of over een houten brug naar de overkant van een andere vijver. Ik kies voor het laatste en blijf halverwege staan. Mijn handen op de reling. In deze vijver staat wel voldoende water en tal van prachtige waterlelies met gele bloemen. De zon schittert in het water en geeft een speciale gloed aan alle kleuren. De lichtblauwe lucht op de achtergrond maakt het plaatje compleet. Bijna perfect zelfs.

20190709_132913
Ik controleer mijn ademhaling. Rustig. Regelmatig. Precies zoals het moet zijn. En dan is het tijd om te schrijven. Ik verlaat de brug en loop naar mijn ideale schrijfplek. Een bankje bij het water. Verlaten. Verscholen tussen hoge bomen. Aan de lege blikjes zie ik dat er soms mensen komen. Soms, maar niet als ik er ben.
Wat erg toch dat het niet voor iedereen vanzelfsprekend is om je eigen troep op te ruimen.
Ik neem plaats op het bankje. Wat is het hier stil. Op het fluiten van vogels, het zacht ruisen van bladeren en het rustig kabbelen van het water als er een Meerkoetje voorbij zwemt na, hoor ik niks. Een oase van rust. Ik pak mijn schrijfspullen tevoorschijn en schrijf. De woorden komen vanzelf. Alsof ze al die tijd verstopt zaten en er nu allemaal tegelijk uit willen.

20190709_131848.jpg